Archief Inhoudsopgave

Innovatie in de branche

Veluws SW-bedrijf en schoonmaakbranche bundelen krachten

Veluws SW-bedrijf en schoonmaakbranche willen krachten bundelen

Door de inbesteding van de schoonmaak door gemeenten komen SW-bedrijven en schoonmaak­bedrijven steeds vaker als concurrenten tegenover elkaar te staan. En dat is een ongewenste situatie, meent OSB-voorzitter Piet Adema. Een convenant met de Veluwse Inclusief Groep laat zien dat het ook anders kan.

Lees meer

“Helaas kiezen sommige gemeenten voor inbesteding van de schoonmaak”, constateert OSB-voorzitter Piet Adema. “Het gevolg is dat een aantal SW-bedrijven zich als concurrent van schoonmaakbedrijven is gaan opstellen. Maar dat brengt niemand verder. Dus laten we vooral kijken hoe we gebruik kunnen maken van elkaars kracht.” Adema was dan ook blij verrast toen er een uitnodiging kwam van de Inclusief Groep – het Veluwse SW-bedrijf – om met elkaar in gesprek te gaan. Het resulteerde in een tweetal rondetafelgesprekken, waarbij een aantal OSB-leden aanwezig was, vertelt Adema. “In onze sector zijn een heleboel bedrijven intrinsiek gemotiveerd om met deze doelgroep aan de slag te gaan. Als schoonmaaksector kunnen wij reguliere banen bieden, terwijl de SW-bedrijven een belangrijke rol hebben bij de opleiding, begeleiding en toeleiding van mensen naar de arbeidsmarkt. Als je dat samenbrengt, ontstaat er een win-winsituatie.”

Geen concurrentie

Risco Balkenende, algemeen directeur van de Inclusief Groep, kan zich daar volledig in vinden. “Ik denk dat een deel van de mensen met een arbeidsbeperking prima opgepakt kan worden door schoonmaakbedrijven in hun eigen opleidingstraject. Maar een groot deel van deze doelgroep heeft een langere route nodig om arbeidsgeschikt te worden. Voor die begeleiding hebben wij als Inclusief Groep de infrastructuur. Je kunt ons bedrijf zien als een soort sectorale bedrijfsschool met het karakter van speciaal onderwijs. Hier leer je werken door te werken! Wij zorgen ervoor dat mensen na een leertraject van bijvoorbeeld een jaar een schoonmaakdiploma op zak hebben en bij een regulier bedrijf aan de slag kunnen. Er is dus geen sprake van concurrentie, maar van volgordelijkheid.”

Laten we vooral kijken hoe we gebruik kunnen maken van elkaars kracht

Wederzijdse belangen

Toch blijft de vraag: hoe voorkom je nu dat je in elkaars vaarwater terechtkomt? Adema: “Door goede afspraken met elkaar te maken. Wij begrijpen goed welke taak er ligt voor de Inclusief Groep. En de Inclusief Groep begrijpt goed hoe onze ondernemers denken. Door dat onderlinge begrip kun je vervolgens de wederzijdse belangen bij elkaar brengen.” Balkenende vertelt dat het de bedoeling is om een convenant te sluiten tussen de regionale schoonmaakbedrijven en de Inclusief Groep. “Wij hebben toegezegd géén groeidoelstelling te hebben als bedrijf. Dat betekent dat we voor ons Werk- en Leerbedrijf een plafond instellen van zo’n 125 mensen in de schoonmaak. Dat is qua omzet slechts een paar procent van de regionale schoonmaakmarkt. Daarmee realiseren wij als Inclusief Groep het benodigde omzetvolume om een echt Werk- en Leerbedrijf te zijn.” Vanuit de schoonmaaksector staat daar iets tegenover, zegt Adema. “Jaarlijks willen wij voor een groep van hen een baangarantie bieden. Zij kunnen via een detacheringsconstructie aan de slag, waardoor onze bedrijven minder risico lopen. Lukt het niet met iemand, dan kan diegene altijd terugvallen op het bedrijf van de Inclusief Groep. Daarnaast is er de mogelijkheid om iemand in dienst te nemen bij het schoonmaakbedrijf, waardoor er aanspraak gemaakt kan worden op opleidingsgelden vanuit de RAS.

Baangarantie

Voor de Inclusief Groep is de baangarantie die vanuit de schoonmaaksector wordt geboden, erg belangrijk, benadrukt Balkenende. “Dat kan helpen om de instroom in de sector te vergroten. Ik denk dan bijvoorbeeld aan de leerlingen vanuit het Praktijkonderwijs en het Voortgezet Speciaal Onderwijs. Het is belangrijk om deze leerlingen zo snel mogelijk in een goede route van werken en leren te krijgen, waardoor wordt voorkomen dat ze tussen wal en schip raken. Dat is belangrijk voor hen én om toekomstige problemen en kosten te vermijden. Gemeenten hechten hier ook veel waarde aan en dit initiatief kan daaraan bijdragen.” Balkenende ziet daarnaast mogelijkheden om ook in de lobby gezamenlijk op te trekken. “Je wilt dat deze doelgroep duurzaam aan het werk blijft. Om terugval te voorkomen, zal een deel van onze mensen jobcoaching nodig hebben. Het zou mooi zijn als we kunnen bewerkstelligen dat een deel van die kosten uit het publieke domein komt, vanwege het feit dat ze dan uit de uitkering blijven.”

Adema hoopt dat het convenant met de Inclusief Groep een model kan zijn voor andere regio’s in het land. “Te vaak zijn we elkaar nog vanuit de eigen bastions aan het beschieten. Onze ondernemers hebben heel veel met de kwetsbare kant van mensen. Daarom denk ik dat wij als schoonmaakbranche echt van betekenis kunnen zijn in dit soort samenwerkingsverbanden.”

Naar begin